dinsdag, mei 13, 2014

Dag 68 Ja lach maar mijn 'woord' zich als gedachte als in mezelf in hier mengt.

Als mensen gaan lachen als ik iets vertel voel ik cynisme.
Alsof ik belachelijk wordt gemaakt.'

In mijn geest/mind wil ik in staat zijn om het woord los te maken van de beleving, en vermijden dat het woord zich mengt in, en een rol speelt in mijn rechtstreekse beleving van het hier; het hier moment wat feitelijk voor handen is. De realiteit van het innerlijk gewaarzijn. De fundamentele oorzaak van mijn angst is dat ik hetgeen wat in hier gebeurt in mijn hoofd als woorden wil veranderen. Bijvoorbeeld ik voel ervaar eenzaamheid. Want er is niemand aanwezig die mij gezelschap houdt. Hierdoor zit ik helemaal zielig en alleen in mijn huis. Ik ga naar buiten staren. Aan de geraniums pulken. Als een soort van bezigheid therapie. Niet omdat ik de plant zo lief en aardig vind maar omdat deze eenzaamheid mijn gek maakt. Ik heb dat ook zo ervaren. Ooit eens.

Ik ging in gesprek met mezelf. Onderzoeken waardoor het kwam dat ik niet alleen thuis kon zitten. En ben gaan kijken naar mijn ellende. Mijn leed. Mijn pijn. LOL. Mijn mezelf gecreëerde verwachtingen. Wat er gebeurde was dat ik zinnen uitsprak in mezelf als mezelf. Woorden: ik wil nu gezelschap!!! En dwingend. Nu, gelijk. Onmogelijk. Maar deze nare gevoelens en gedachten kwamen terug. Ik ben naar deze eenzaamheid gaan kijken. Onder de dekens. Bovenop de dekens. Onder de douche.  Maar wel iets ondernemen. Iets doen. Ik ging schrijven en onderzoeken. Benoemen. Lezen. Weer de stad in. Snel dat niemand mij zag.

Want, dat is eigenlijk logisch – ‘iedereen kon natuurlijk zien dat ik angstig was’. En eenzaam natuurlijk. Wat was ik zielig. Het droop als het ware van mijn uiterlijk af. Ik ging er afspraken voor cancelen omdat iedereen kon zien dat ik eenzaam was. Om een lang verhaal kort te maken: angst is niet fijn. Angst maakt onzeker. Angst is eigenlijk een verwachting aan een moment dat er ooit was en nu afwezig is. Een norm waaraan ik voldeed als mezelf. Ik had een baan. Ik had geen baan. Wat ging ik vertellen op een feestje. Oeps, ik heb geen baan.  Omdat ik werk als een vorm van er bij horen heb ervaren vond ik mezelf mislukt zonder baan.

Door onderzoeken en schrijven en eerlijk zijn tegen mezelf kwam ik erachter dat ik de eenzaamheid ontvlucht. Eenzaamheid in de vorm ontstaan door mijn verwachtingen te koppen aan een moment waarin afwezigheid van aanwezigheid van iemand anders ontbrak. Door naar eenzaamheid te gaan kijken als eenzaamheid heb ik gemerkt dat eenzaamheid en de lading ervan in woorden ontstaat als gedachten die gevoelens en emoties worden. De woorden opschrijven: ik heb gefaald want ik heb geen baan. Ik hoor er niet bij want iedereen heeft een baan. Opschrijven en de verwachting van mezelf uitspreken en erkennen dat ik eenzaam was werkt en helpend, confronterend en uiteindelijk helend.  

Momenteel ervaar dit anders. Mijn gewaarzijn. Ik ben niet eenzaam. Ik ben onderweg. Ik ben bezig. Als fysiek wezen. Als mens op weg en benoem wat ik ervaar. Ik spreek uit wat ik daadwerkelijk als mind ervaar. Niet als reactie op anderen. Wel als ontlading van mijn reactie op dat ik ervaar. Ik kan dit niet ontkennen.

Gisteren in een gesprek deed ik dit. Op de vraag hoe ik mijn angst heb overwonnen. Doordat ik mijn kwestbaarheid toon merk ik dat ik dissocieer. Waarop de aanwezigen gingen lachen. Op mijn vraag waarom lachen jullie eigenlijk - op de man af - rechtstreeks. En ja hoor 'nog meer dissociëren. Wazig in de verte zag ik een lachend hoofd. Maar wat ik deed ik bleef zitten. Ik maakte hun reactie niet mijn reactie en ben blijven observeren wat er gebeurde. Mijn gevoel - alsof ik belachelijk wordt gemaakt - wat niet het feit was - en de wazigheid verdween langzaam. Ik bleef zitten. Aangaan wat er gebeurt in het moment. 

Nadien heb ik benoemt dat lachen mij dirigeert vanuit mijn mind omdat ik hieraan onbewust een gedachte en ervaring koppel. Dit is reëel in dit moment omdat ik voel wat er gebeurt. Ik kan er naar kijken. Weliswaar wazig. In de verte zie ik een lachend hoofd. Als feedback kreeg ik van het lachende hoofd terug dat hij het goed vond dat ik erop terug kwam. Op mijn wazigheid. Op mijn reactie omdat ik woorden uitsprak in dit moment waarvan ik me niet bewust was. Goed om verder te onderzoeken. 


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen